maandag 26 september 2011

Bolgatanga, Paga en Tongo
Dit weekend ben ik met twee vrijwilligers van Ontmoet Afrika/Meet Africa naar het noorden van Ghana getrokken. Samen kropen we de trotto in die ons door een prachtig landschap bracht. We konden genieten van rijstvelden, boabob-bomen, maïsvelden, meertjes met waterlelie’s, …
Zaterdag bezochten we enkele plekken in Paga die hoog staan op het toeristische lijstje. Paga ligt tegen de grens met Burkina Faso. Allereerst hebben we een slavenkamp bezocht. Om hier te raken hebben we ’n prachtige wandeling gemaakt waarbij ik mijn ogen alweer uitkeek naar het de pracht en praal. In het slavenkamp kan je de sfeer van jarengeleden nog een beetje proeven. Jongens sloegen met stenen op de stenentrom, de uitkijktoren werd beklommen, de strafsteen gefotografeerd, … Vanuit dit kamp gingen de slaven zuidwaarts naar Salaga en vanaf daar verder richting de kust, forten en schepen. Een plotse regenbui op het einde van de rondleiding maakte onze dag iets korter maar samen met Hanke en haar schoonouders hebben we gezellig gekeuveld in het bezoekerscentrum. Vervolgens zijn we naar een krokodillenpoel geweest met wel 200 krokodillen. Die leven gewoon midden in het dorp. De legende van de krokodillen is 600 jaar oud. De beestjes werden gelokt met een levende kip die het middagmaal betekende. Algauw kwamen er een vrouwelijke en mannelijke krokodil. Het is best eng om ze aan te raken en mijn hart trilde nog lang na. Tenslotte bezochten we het niemandsland en hebben we enkele stappen in Burkina Faso gezet. Dit alles wel degelijk zonder mijn paspoort bij te hebben! Een douanier was zo vriendelijk om ons uit te leggen hoe het nu precies zat met dit ‘niemandsland’ en bracht ons naar een steen die aangaf hoe de grens nu precies liep.
Zondag was een heerlijke rustige dag en we hebben de verjaardag van Hanke gevierd! Ik ben nog even opzoek gegaan naar de prachtige lederwaren waarvoor Bolga bekend zou staan maar die waren jammer genoeg niet echt te vinden. Ik waag mijn kans dan maar hier in Tamale.
Vandaag ben ik ’s ochtends vroeg naar Tongo gegaan dat midden in een ongerept landschap ligt. Schitterende heuvels doken langs alle kanten op. Een gids leidde me rond en toonde de prachtige schrijnen, de huisjes, de chief met zijn 18 vrouwen, … Op de top van de berg was de belangrijkste schrijn. Toen we aankwamen waren er enkele mensen bezig met een consultatie dus moesten we even wachten. De top mocht je trouwens enkel beklimmen met ontbloot bovenlijf. Het is een gek gevoel om te klimmen met blote borsten maar ik kan het alvast doorstrepen op mijn imaginaire to-do lijstje. Heel grappig is trouwens dat ze hier de stap van de elektriciteitsdraden hebben overgeslagen maar direct zijn overgestopt op zonnepanelen om elektriciteit te verkrijgen.
Ik heb een ontzettend leuk weekend achter de rug waarbij ik verschillende leuken mensen heb leren kennen. Nog maar eens besef ik hoeveel prachtige ervaringen ik hierop doe en mijn dagboek dreigt vol te raken alvorens het einde van mijn verblijf hier.
Onderzoek.
Het onderzoek verloopt onder tussen zeer vlot! Ik probeer iedere dag iemand te interviewen. Het probleem is echter dat het fenomeen vrijwilligerstoerisme zo breed is. Ik kan nog niet echt een rode draad ontdekken doorheen alle interviews en vraag me af hoe ik dit alles nu in een tekst kan gieten. Ik tracht zoveel mogelijk te lezen tussendoor en hoop dat dit me zal helpen. Ik heb ook al wat veldwerk gedaan in het ziekenhuis. Ik vond het zo’n enorm interessant onderwerp en ook al voel ik dat ik niet het geheel zal doorgronden tegen eind oktober (omdat het zo’n breed en gevarieerd domein is) toch ben ik blij met dit onderwerp! Ik hoor ook vaak de vrijwilligers dat mijn vragen hun aan het denken stellen. Ik  vind het ’n uitdaging om nog zoveel mogelijk te doen alvorens mijn liefste Jonas komt naar Ghana!

maandag 19 september 2011

Intens !
Het leven in Ghana is heel intens. Je kan hier zo hard genieten van de prachtige momenten en mensen die je leert kennen maar tegelijkertijd wordt je ook geconfronteerd met veel verdriet. Zo kreeg ik daarnet te horen dat Augustina, een allerliefste verpleegster die Katsuni en mezelf verwent heeft met haar lekkere eten gedurende Katsuni zijn vrijwilligerswerk en mijn veldwerk in Sekyere, haar baby verloren heeft tijdens de geboorte. Hoewel zo iets ook kan gebeuren in België heb ik het wrange gevoel dat het gebrek aan materiaal en kennis hiervoor deels verantwoordelijk is. Op zo’n momenten voel je, je ook zo onwennig. Een gevoel van verdriet bekruipt je maar de woorden vinden om troost te bieden is moeilijk. Gelukkig kan Augustina veel steun halen uit haar religie…
Femke en Olé.
In Tamale heb ik het genoegen om te blijven overnachten bij Femke en Olé. Ik heb hier mijn eigen kamer en Femke heeft zich het afgelopen jaar getraind om eten te maken met de beschikbare Ghanese middelen en ik geniet heel hard van haar kookkunsten. Femke steunt me ook enorm in mijn onderzoek. Ze is geinterreseerd in het zelfde onderwerp en heeft vorig jaar nabij Tamale een onderzoek gedaan waarbij ze de lokale bevolking in de schijnwerpers stelde terwijl ik me vooral focus op de organisaties en de vrijwilligers, ook al interview ik ook de lokale bevolking. Ze toont me waar veel westerlingen zitten, we wisselen veel informatie en gedachten uit, ze helpt me aan contacten, en we gaan onze interviews en veldwerknotities uitwisselen, … Olé is een prima kerel. Hij leert een beetje nederlands, probeert werk te vinden, is niet beroerd om af te wassen en eet ook vegetarisch af en toe. (Wat uitzonderlijk is voor Ghanezen – een maaltijd zonder vlees, is geen maaltijd).
Larabanga.
Alvorens Mole National Parc te bezoeken dit weekend ben ik eerste even, samen met Femke en Olé, naar Larabanga gegaan. Het thuisdorp van Olé en de plek waar Femke Olé voor de eerste keer ontmoet heeft. De rit ernaar toe was prachtig! Het landschap was zo mooi en toen de zon onder ging was het echt magisch. Wachtend op de bus leerde ik ook twee duitse meisjes en één jongen kennen. De meisjes waren op reis en de jongen was een vrijwilliger, dus die ik heb mooi in Molé geinterviewd. Het waren echt enorm lieve en ondernemende mensen.
 In Larabanga bleven we slapen bij de oma. Ik ben samen met Femke in bed gedoken en ’s avonds maakten we iets ongelofelijk engs mee. Ik had het idee dat er iemand in onze kamer was en ik was heel erg bang dus porde ik Femke wakker. Ze deed haar licht aan en er was niemand! Ogh, ik was zo opgelucht. In Larabanga is de oudste moskee van Ghana en daar proberen de mensen profijt uit te halen. Het is een zeer lieve familie van Olé maar toch voelde je een zekere gespannenheid in het dorp. Er is momenteel een conflict over de moskee en de verkregen inkomsten tussen de clans. De clan waar de moskee staat beschuldigd immers de chief van één van andere 11 clans van diefstal. Het conflict groeide alsmaar wat tot twee grote gevechten heeft geleid. Momenteel gaat het geld van de moskee naar de chief van het district die het geld kan investeren waar hij wil en dus niet noodzakelijk in Larabanga. Dat is jammer want met de inkomsten van het toerisme zijn er enkele mooie zaken opgebouwd nl. een kliniek en een openbare markt. Op het moment dat het conflict begon waren ze bezig met de uitbouw van een toeristisch centrum en lopend water voor het dorp. Dat is jammer genoeg nu stopgezet.
Mole National Parc.          
Olifanten! Ik heb olifanten in hun natuurlijke habitat gezien! Ik was zo onder de indruk! Nog altijd ben ik er zeer blij om! Mole is het grootste park van Ghana!  Het hotel dat in het natuurreservaat ligt vraagt naar Ghanese normen ongelofelijk veel geld voor eten, drinken en slaapplaats maar het uitzicht is echt prachtig! En ’s avonds heb ik er even gezwommen met de duitsers. De maaltijd hebben we genomen in de kantiene waar de werknemers van Mole zelf eten. Veel goedkoper dan het restaurant en zeer lekker. Het was heel fijn, we zaten met een bende midden in een prachtig natuurgebied. De sfeer was optimaal en terwijl we naar het hotel terugwandelden keken we naar boven en zagen we een prachtige sterrenhemel! Echt zot!!
Ziekzijn en het openbaar vervoer in Ghana.
Na dit heerlijke moment kreeg ik enorm last van mijn darmen en hoge koorts. Ik lag helemaal te trillen in mijn bed en had enorme krampen in mijn darmen. Geradbraakt heb ik mijn rugzak gemaakt met de intentie om de volgende dag naar Tamale terug te keren met de bus. De bus komt normaal gezien om vier uur ’s ochtend doch hij had panne gekregen onderweg naar Mole de vorige avond. Er werd ons voorgesteld om met de jeep naar Damango te gaan en vanaf daar vervoer te vinden. Dat hebben we dan ook gedaan. In Damango namen we een grote trotto die het begin betekende voor een helse rit. Het komt waarschijnlijk mede doordat ik ziek was maar het leek alsof de buschauffeur perse ieder bult en buil in de weg wou raken. Na een paar uur zo gereden te hebben moesten we plots stoppen. De weg was geblokkeerd door zowel de bus die ons normaal gezien zou moeten oppikken in Mole als een trotto die ernaast stond en was vastgeraakt in de modder. Ondanks mijn hevige buikpijn vond ik het best een hilarisch zicht. Al die ghanezen die daar stonden met hun bagage. De verschillende bussen en vrachtwagens die niet verder konden. Na een poosje te wachten besloot onze chauffeur ‘te doen en te zien wat er zou gebeuren’ zoals hij het later uitlegde. We vroegen hem nog of we onze rugzak moesten nemen maar neen dat was niet nodig. Ik weet nog altijd niet wat die man bezielde maar hij reed zichzelf vast en kwam helemaal schuin gekanteld te staan. Dom, dom, dom, … daar was iedereen het over eens. Want nu stond onze trotto daar, schuin, klaar om te vallen in de rivier met mijn rugzak er nog in! Na een poosje waren enkele ghanese vrouwen zo dapper om hun materiaal uit de trotto te halen. Ik heb gevraagd of ze mijn rugzak er uit wouden halen, zelf zou ik het nooit gedurfd hebben. Zo schuin stond die bus. Ik heb afscheid moeten nemen van mijn sjaal, truitje en water. Een klein offer dat me toeliet om verder te gaan. Met de Molé-groep besloten we naar het volgende dorp te wandelen. Dat was best een verre trip en ik was helemaal kapot toen we aankwamen in dorp. De duitse meisjes waren echter enorm lief en gingen een cola voor me kopen en ik mocht van hun water drinken. Ondertussen werd er gebeld naar de vrijwilligersorganisatie van enkele zweedse meisjes, Syto een bekende commerciele organisatie in Ghana, om een bus te sturen. Dit kon echter een tijdje duren en ondertussen werd er afgesproken om met de pick-up naar de grote weg te gaan. Rottig was dat, die pick up. En pijn dat ik had. En slecht dat ik me voelde. Die pick-up reed door overstroomde wegen met tientallen mensen in de ladebak. Toen het busje van Syto ons tegenmoet reed en ik uit de pick-up strompelde moest ik even huilen. De chauffeur van Syto heeft de westerlingen, maar dan ook enkel de westerlingen (de twee ghanezen die ons geholpen hadden mochten niet mee ondanks protest van onze kant), naar Tamale gebracht en de zweedse meisje en mezelf naar het ziekenhuis. De dokter was al bij al een goede dokter want hij heeft mijn buik aangeraak (wat veel dokters hier in Ghana niet doen, die luisteren gewoon naar de klachten en oordelen op basis daarvan). Ondanks dat er geen malariatest gedaan werd, is de conclusie dat ik malaria heb en een infectie aan de darmen.
Hoewel ik me op dit moment niet optimaal voel, slaag ik er om toch heel gelukkig te zijn. Ik vind het best allemaal wel spannend en het is ook gewoon een hilarisch verhaal om mee te maken en te vertellen. Zo kan ik desondanks het zieke gevoel genieten van de prachtige natuur en het oorverdovend geluid van kikkers tijdens de wandeling , enorm lachen om de uitleg van de trotto chauffeur en ontroerd zijn door de vriendelijkheid van vreemden. Maak je dus vooral geen zorgen wanneer je dit leest want al bij al gaat het prima.
Veel liefs,
Susan.

maandag 12 september 2011

Hand in Hand!

Sissen.
In Sekyere werd dit niet echt gedaan maar in Nkoronza wordt er volop gesisd. Het is een vreemd geluid en ik moet er nog een beetje aan wennen. Zelf moet ik nog een ervaren sisser worden.  Wat ik wel al heb overgenomen is het ‘hmmm-en’. In plaats van ‘yes’ te zeggen of ‘annee’, hmm-en de mensen hier. In het begin vond ik het zeer vreemd. De eerste keer dacht ik: ‘o geef toch een antwoord. Dit is gewoon zeer onbeleeft’. Dat is het dus in deze context niet maar ik hoop toch dat ik het in België gauw afleer.
De vrouwen.
Afrikaanse vrouwen hebben een bepaalde trots over zich. Rug recht, kin omhoog en kont naar achter. Volgens Patricia en Toontje komt dit door het dragen op het hoofd en de kinderen op de rug. De meeste vrouwen zijn leuk gekleed in tweedehandskledij of marktkleren vanuit Europa. Het is duidelijk dat Ghana een goedkoop afzetgebied is voor Europa.
 Zelf heb ik een rok laten maken met een afrikaanse stof van de markt. Echt super mooi is het niet maar ik ben wel heel blij dat ik wat meer kan afwisselen van kledij! En het was ook een koopje: 2,5 euro om de rok te laten maken en 6 euro voor de stof (waarvan ik nog een grote rest heb). Ik heb vernomen dat het in Tamale niet de gewoonte is om met blote benen rond te lopen dus probeer ik hier nog even mijn benen te laten bruinen. Al worden die vooral bruin door het stof van de straat.
Het is hier prachtig!
Ik heb een poosje last gehad van mijn maag maar die is ondertussen weer bijgekomen. Woensdag ben ik naar een winkel gegaan in Techiman die –naar Afrikaanse normen- een enorme keuze had en westerse producten tegen een normale prijs! Ik heb chocolade gekocht, smeerkaas, bruin brood, cornflakes, melk, aardbeienmelk, plantainchips, caramelsnoepjes, tandpasta, fruitsap, …  Allemaal met een duidelijke aangegeven prijs. Het voelde een beetje aan als een mini paradijs. Wat zijn we toch verwend in België met die enorme keuze in de supermarkt. Ik geniet ook enorm van het fruit: watermeloen, banaan, kokosnoot, ananas.. En het papaya seizoen begint gauw. Voor mango ben ik jammer genoeg te laat. Techiman staat bekend voor zij grote voedselmarkt. Nog altijd geniet ik enorm van het landschap en word ik iedere dag bevangen door een enorm geluksgevoel.
Operation Hand in Hand.
Hand in hand is een Ghanese-Nederlandse organisatie die zich inzet voor mensen met een mentale beperking in Ghana. De oprichtsters zijn 3 Ghanezen en 1 nederlandse vrouw Ineke Bosman, die tevens ook gezorgd heeft voor een gezondheidsverzekering in Ghana. Uniek in Afrika!
 Het project begon begin de jaren 1990 met drie kinderen met een mentale beperking en een heleboel doorzettingsvermogen. Momenteel zijn er meer dan 50 kinderen en een stuk of 20 ghanezen tewerkgesteld. Het leiderschap is in handen van een nederlands koppel , dat regelmatig heen en weer vliegen, en twee ghanese managers. Er worden workshops gegeven zoals het maken van kente, kralenkettingen, … Er is een computerklasje gesponsord door de G8 en andere nederlandse sponsers. Er is veel materiaal, rolstoelen, een zwembad, een nieuwe keuken, … Het project wordt grotendeels betaald met nederlands geld maar er wordt hard gewerkt aan de onafhankelijkheid. Zo zijn er guesthouses voor de toeristen, het internetcafé in de town, kan je prachtige souvenirs kopen en is er een supermarktje.
De Ghanezen die hier werken zijn mensen zonder opleiding die hier een gezondheidsverzekering krijgen, een vast loon en eten. In ruil daarvoor hebben ze echter praktisch geen vrije momenten en slapen ze samen met drie kinderen met een mentale beperking. Ze zijn constant op hun werk en hebben slechts tussen 1 en 3 uur vrij en ’s avonds na het slapengaan. De idee hierachter is dat ze zouden functioneren als een vader of moeder. Dit is een reflectie van de algemene opvattingen over opvoeding in homes, etc. Voor ons zou dit gebrek aan privacy verschrikkelijk zijn maar in de Ghanese samenleving is de notie privacy niet heel erg aanwezig. De afgelopen maand is hier een team geweest van 13 engelse studenten die lessen hebben gegeven over autisme, epilepsie, … Beiden partijen beschouwden deze ontmoeting als een enorme verrijking al zou het voor sommige kinderen met autisme een beetje te overwelmend geweest zijn, plots al die oebruni’s.
Ik heb het geluk dat Ineke en haar man, Bob, momenteel hier verblijven in een prachtig huisje op het domein. Ik heb al enorm veel boeiende en inspirerende gesprekken gehad met dit vrolijke en intelligente duo. Je kan niet anders dan een enorm groot respect hebben voor deze mensen. Ik zou zoveel over dit duo kunnen vertellen maar tegelijkertijd schieten woorden me te kort. Bovendien is het ook te persoonlijk om de impact van deze mensen op mijn leefwereld te plaatsen op het internet. Het is iets dat ik even voor mezelf wil houden en koesteren. 
Onderzoek.
Het onderzoek loopt hier een beetje op z’n Afrikaans. Dit is deels het resultaat van gebrekkige middelen: informatie moet overgetypt worden want kopieren is niet vanzelfsprekend, internet gaat traag, … Toch heb ik al veel boeiende gesprekken gehad. De tijd gaat ook soms zo snel dat ik niet alles kan doen op een dag wat ik graag zou willen doen. Ik probeer mijn tijd ook te gebruiken voor boeiende ervaringen te proeven!
Op facebook heb ik enkele foto’s geplaatst van mijn tijd in de home en de korte reisjes die ik in die periode heb gemaakt (Cap Coast, Kakun National Park, …).
In enkele korte teksten heb ik weer iets vertelt over het leven in Ghana. Ik geniet nog altijd van elke seconde, en prijs mezelf gelukkig dat ik deze zotte kans krijg! Ik ben ook heel blij met de e-mails die jullie sturen! Het contact met het thuisfront is leuk! Ik begrijp het echter ook volledig wanneer dat niet gebeurt… zelf ben ik er immers ook geen krak in.
Tot volgende week, dan zal ik jullie meer vertellen over het leven van Femke in Tamale…
Lieve groeten,
Susan.

zondag 4 september 2011

Ankakwoha Obienmetobie!!
Rode sinaasappels verkopen. Echt heel fijn! Samen met Floor, Blessing en Abby. Luidkeels door het dorp rondwandelen. Iedereen vond het hilarisch! Dagen erna werd ik nog altijd geconfronteerd met dit zinnetje. Ik heb wel massa’s goed verkocht. Sommige wouden me een sinaasappel laten schillen op de ghaneese wijze maar na mijn geknoei te zien besloten ze toch maar het heft in eigen handen te nemen. Ook in de home zelf waren ze zeer blij dat ik had meegeholpen. Tijdens de pauze heb ik Belgische en Ghanese spelletjes gespeeld met de kinderen van het dorp: 1, 2, 3 piano, zakdoekjes leggen, … Mocht ik langer zijn gebleven dan zou ik hebben voorgesteld omdat even te doen. De kinderen van de straat halen door een mini speelplein even op te richten. Ik heb echt enorm hard genoten van die dag!
Regen.
Het regenseizoen is langzaamaan opnieuw begonnen. De afgelopen dagen viel vooral ’s avonds de regen met luid gekletter op de daken. Dit gepaard met bliksem en onweer.  Wanneer de regen klettert moet je echt je stem verheffen om jezelf verstaanbaar maken, met onweer is dat onmogelijk. Het is best wel eng en het blijft ook duren omdat het zowat blijft hangen tussen de bergen. Mijn gastvader was bezig met zijn laptop toen de bliksem insloeg, gelukkig viel de elektriciteit uit anders was hij er mooi niet meer geweest. Tijdens een van die regenbuien viel de elktriciteit weer eens uit. Het had iets intiems: het gekletter van de regen, Adjenim op mijn schoot, Hereafter die mijn hand neemt en zijn hoofd op mijn schouder legt en Atta Kofi aan mijn voeten. Je voelt hoe deze kinderen liefde en warmte nodig hebben. Tegelijkertijd is dit ook zeer dubbel. Ik ben nu en behoor daarmee tot een reeks van vrijwilligers die zijn geweest en waarvan het merendeel niets meer van hun laat horen. Ondanks al de vriendschap en liefde die zij gegeven en ontvangen hebben in Ghana.
Patricia.
Patricia verdient een speciale plek in deze blog. Deze knappe nederlandse dame woont in het dorpje naast me en open daarn een guesthouse. Ik heb haar verschillende keren geinterviewd voor mijn masterproef omdat ze heel wat ervaring heeft met vrijwilligers en zelf naar Banko 8 jaar geleden is gegaan als vrijwilliger. We zijn de afgelopen weken elkaars klankbord geweest. Al was het maar voor enkele uurtje en haar zalige kookkunsten, het deed zo’n deugd er even uit te zijn. Weg van het constante laai, de onfrisse geur die in het huis hangt, de nood aan entertainment. Daar kon ik gewoon even op mijn gemak zijn en fijn met haar praten
Atta Kofi I en II.
We waren in mijn kamer gezellig aan het praten over de reden waarom ze naar hier waren gekomen. Atta Kofi I vertelde me dat hij zijn broer enorm miste die hier reeds woonde. Zijn broer heeft bij de geboorte een ziekte opgelopen waardoor zijn rechterbeen en arm zijn afgezet. In het weeshuis functioneert hij zeer goed. Inclusie ten top. Ik vroeg of ze hun familie nog vaak zien en hij vertelde dat zijn grootmoeder langs kwam maar dat ze daar nu te oud voor is geworden om de hele afstand te voet te doen. De tranen stonden in zijn ogen dus stelde ik spontaan voor ‘nou  (je ziet dat ik met een nederlandse veel contact heb gehad), dan gaan wij toch gewoon naar hun?’ Twee dagen later was het zover. Na enkele taxi’s kwamen op een plekje aan waar blijkbaar iedereen wel familie is van Atta Kofi I en II. De tranen stonden in mijn ogen bij de ontmoeting. De tweeling hebben heel veel foto’s genomen en we werden begeleid door een leger van kindjes die strijden om mijn hand te schudden. Ik ga deze namiddag voor altijd in mijn hart sluiten. Het was zo’n fijn moment en heerlijke mensen. Ik werd verscheidene keren door God gezegend. En zo’n hartelijke overgrootmoeder, grootmoeders (4) en grootvader! Op de terugweg polste ik nog wat verder naar het verleden en wat ik hoorde schokte me enorm. Nana zou Atta Kofi II daar zodat weggeplukt hebben. In het begin was hij er voor een ander meisje maar zij liep weg maar dat kon Atta Kofi II natuurlijk niet. Met belofte van het helpen van zijn been is hij naar de home gekomen. Hij was de tweede persoon in de home naast Vivianne (een meisje van 16 die tevens een fysieke beperking heeft). Maar wie betaalt dat namaak been? De vrijwilliger! De goodwill van een persoon. En de vrijwilliger gaat natuurlijk niet naar zo’n afgelegen dorp. Neen een vrijwilliger gaat naar zogenaamde weeshuizen (die eigenlijk home’s zijn wat iets anders is), ziekenhuizen, scholen, … Ik vroeg hun waar ze het liefst zouden wonen en beiden verkozen hun familie!
Mijn laatste week in de home is voorbijgevlogen! Deze ochtend heb ik afscheid genomen met tranen in de ogen.  Ondertussen ben ik reeds aangekomen bij de organisatie Hand in Hand en hier zal ik een poosje verblijven om van de rust te genieten, wat thesiswerk te verrichten en mensen te interviewen. Al heb ik wat pech. Er is slechts een vrijwilligster en die vertrekt zo meteen. Terwijl er normaal gezien echt wel heel veel zijn. Ik heb dan wel weer geluk dat de oprichtster, een nederlandse dokteres, er wel is. Ik heb daarnet al even met haar gesproken en ik hoop haar te mogen interviewen.